Appelterre-Eichem

 

Appelterre en tabak horen bij mekaar als het strand en de zee. Vroeger toch, want van de beruchte tabaksnijverheid blijft bitter weinig over. Het beeld van de tabaksplanter op het plein rechtover de kerk herinnert aan de tijd dat tabak een zekere welvaart verschafte aan dit dorp. De gerestaureerde Wildermolen aan de Wilderkouter maakt van Appelterre ook een molengemeente. Minder gekend allicht is Appelterre als bakermat van het beruchte Belgisch trekpaard. Enkele bijzondere hoeven, met elk een eigen geschiedenis, liggen verspreid over het dorp. De imposante neogotische parochiekerk, toegewijd aan Sint-Gertrudis, is fraai gemeubileerd. Eichem was tot de 15de eeuw een aparte "heerlijkheid".

Inwoners

2.959 (31-12-2015)

Oppervlakte

567 Ha

Naam

Appelterre wordt in 1219 vermeld als "Apeltres", sinds 1257 als "Appelterre" wat een samensmelting is van "appel" en "tres" (boom).

Eichem vinden we in 1142 terug als "Eichem" en in 1317 als "Eichgem". De naam verwijst naar de eiken die vroeger in deze streek massaal voorkwamen ("aik") en woonplaats ("haime"), dus "woonplaats bij de eik".

Geschiedenis

Appelterre, een van de oudst gekende dorpen van groot-Ninove en vroeger deel uitmakend van het Land van Aalst, bestond reeds in de 8ste eeuw. Eichem vinden we voor het eerst terug in de archieven van 1317 onder de naam "Eichghem". Appelterre en Eichem vormden aanvankelijk twee onderscheiden heerlijkheden. Eichem werd echter reeds in de 15de eeuw "ingelijfd" bij Appelterre. Vanaf 1486 maakte Appelterre-Eichem deel uit van de heerlijkheid Wedergraete, samen met Denderwindeke, Neigem en Pollare. De Norbertijnerabdij van Ninove, het Sint-Geertruikapittel van Nijvel evenals het Sint-Janshuis van Gent bezaten hier uitgestrekte gronden.

Wedergraete, in bezit van de beroemde Bourgondische hertog, Filips de Goede, werd aan diens "eerste minister" kanselier de Goux geschonken en bleef gedurende verscheidene generaties aan de familie de Goux toebehoren om later in het bezit van de la Pierre te komen, vervolgens van Pieter-Antoon van Cauteren en nog later van Maria Isabella wiens kleinzoon Karel van Plotho de laatste baron van Wedergraete was.

De heren van het land van Wedergraete bewoonden in Appelterre, bij de Dender, een burcht die reeds in 1269 wordt vermeld.

In de 18de eeuw werden hoofdzakelijk graangewassen, koolzaad en vlas verbouwd, niet in het minst voor de 18 weefgetouwen die in de gemeente aanwezig waren in 1769. In de 19de eeuw raakte Appelterre bekend als "hét tabaksdorp", in een tijd dat van de schadelijke gevolgen van roken nog geen sprake was. Na de Tweede Wereldoorlog verdrong de sigaret de tabak en nu is nog slechts één tabaksfabriek overgebleven. Van tabaksdorp en landbouwgemeenschap is Appelterre geëvolueerd naar een pendelgemeente, al bezit het nog flink wat kleine en grotere landbouwbedrijven.

Beschermde monumenten / landschappen

  • Houten windmolen "Wildermolen" (Monument 04-05-1973)
  • Onmiddellijke omgeving van de Wildermolen (Landschap 04-05-1973)
  • Pastorij (Monument 26-09-1997)
  • Sint Gertrudiskerk (Monument 13-03-1979)
  • Kapittelhof (Monument 13-03-1979)
  • Dorpskom (Dorpsgezicht 13-03-1979)
  • Sint-Martinuskerk met toegangspijlers, inkomhek, straatje, kerkhof en kerkhofmuur (Monument 26-01-2001)
  • Hof te Eichem met bergplaats, binnenerf en bakoven (Monument 26-01-2001)
  • Percelen en huizen ten westen, noorden en zuiden van de kerk en het kerkhof aan de Eichemstraat en de Lindenbergstraat(Dorpsgezicht 26-01-2001)
  • Sint-Rochuskapel (Monument 14-03-2001)

Contact informatie