Omgevingsvergunning milieu

De vroegere milieuvergunning heet vandaag omgevingsvergunning. Deze vergunning bundelt alles: ingedeelde inrichtingen of activiteiten, stedenbouwkundige handelingen, kleinhandelsactiviteiten, vegetatiewijzigingen ... Het milieuluik van de omgevingsvergunning kreeg de naam Ingedeelde Inrichting of Activiteit (IIOA).

Omgevingsvergunning of melding?

Afhankelijk van de impact op het milieu moet je voor je project een melding doen of een omgevingsvergunning aanvragen. Dit geldt zowel voor bedrijven als voor particulieren.

De indelingslijst van Vlarem bepaalt in welke klasse jouw activiteit valt. De lijst bevat drie klassen:

  • Klasse 3-activiteiten zijn het minst belastend voor het milieu, een meldingsdossier volstaat.
  • Klasse 2-activiteiten zijn meer belastend voor het milieu. Je moet de vergunning aanvragen bij het college van burgemeester en schepenen, tenzij de activiteit voorkomt op de Vlaamse gesloten lijst of provinciale lijst.
  • Klasse 1-activiteiten zijn de meest belastende. Je vraagt de vergunning aan bij de deputatie van Oost-Vlaanderen, tenzij de activiteit voorkomt op de Vlaamse gesloten lijst.

Voorbeelden van klasse 3-activiteiten:

  • een mazout- of propaangastank
  • het houden van 5 tot 10 volwassen honden
  • parkeerruimte voor meer dan 3 voertuigen (niet-personenwagens)

Voorbeelden van klasse 2-activiteiten:

  • benzinestations
  • grote schrijnwerkerijen
  • carwashes
  • landbouwbedrijven
  • manèges

Voorbeelden van klasse 1-activiteiten:

  • grote industriële activiteiten
  • landbouwbedrijven met meer dan 200 inheemse grote zoogdieren

Belangrijk:

  • De stad organiseert een openbaar onderzoek voor klasse 1- en 2-vergunningen. Na het toekennen van de vergunning kan administratief beroep worden aangetekend. Voor klasse 1-vergunningen ontvangen bewoners binnen een straal van 100 meter een persoonlijke brief.
  • Een activiteit (bv. onderhoud aan wagens) kan ingedeeld zijn in verschillende klassen op basis van de ligging. Zo mag een garagewerkplaats in een industriegebied hefbruggen plaatsen voordat ze in een hogere klasse terechtkomt, terwijl een garagewerkplaats in een woongebied sneller in een hogere klasse wordt ingedeeld.
  • Heeft een deel van je dossier een vergunning nodig, dat geldt dat voor je volledige dossier (de hoogste categorie geldt).

Tot welke klasse behoort je activiteit?

De Vlaamse overheid heeft daarvoor een handige tool: de Vlarem-wegwijzer.

Vind je je activiteit daar niet terug, ga dan naar de volledige indelingslijst van hinderlijke activiteiten. In die lijst kan je nagaan of je activiteit beschouwd wordt als hinderlijk en of je activiteit meldings- of vergunningsplichtig is.

Welke voorwaarden moet ik naleven?

Vlarem II bundelt alle voorwaarden waaraan de hinderlijke activiteiten moeten voldoen. Hierin is ook een hoofdstuk 6 opgenomen voor niet-hinderlijke activiteiten. Er worden voorwaarden opgesomd voor:

  • particuliere stookolietanken van minder dan 5.000 kg
  • lozen huishoudelijk afvalwater van woongelegenheden
  • beheersing van licht
  • beheersing van asbest
  • verwarmingsinstallaties
  • niet-ingedeelde muziekactiviteiten zoals éénmalige optredens, fuiven, feesten ...
  • niet-ingedeelde koelinstallaties
Naar top