Waar wordt eerst gestrooid?
De stad werkt met een vast gladheidbestrijdingsplan dat bepaalt waar en wanneer er wordt gestrooid. Zo zorgen we ervoor dat zoveel mogelijk inwoners op korte afstand van hun woning een veilige, bestrooide weg bereiken. Niet alle straten kunnen tegelijk behandeld worden. Daarom werken de stadsdiensten met vaste strooiroutes die tussen 4 en 22 uur gestrooid worden.
Waarom wordt niet overal gestrooid?
Strooizout werkt vooral op wegen met voldoende verkeer. In straten met weinig verkeer kan strooien zelfs een omgekeerd effect hebben doordat smeltwater opnieuw aanvriest. Daarom worden sommige woonwijken, woonerven, parkeerplaatsen en straten met waterinfiltratie niet standaard gestrooid.
Is het glad in jouw straat?
Merk je gevaarlijke gladheid of denk je dat er dringend gestrooid moet worden? Maak dan een melding via de meldingenmodule van de stad. Alle meldingen worden geregistreerd en beoordeeld door de technische dienst. Waar mogelijk wordt snel ingegrepen.
Wat kan je zelf doen?
Bij sneeuw of ijzel ben je als inwoner verplicht om voor je woning voldoende ruimte vrij te maken zodat voetgangers veilig kunnen passeren. Het is ook verboden om bij vriesweer water op de openbare weg te laten lopen.
Ook op gestrooide wegen blijft voorzichtigheid belangrijk. Pas je snelheid aan en rij defensief.

