Als je een dier wil laten slachten, moet je dit laten registreren bij de dienst burgerzaken. Voor thuisslachtingen (varkens, schapen, geiten ...) heb je éénmalig een registratienummer nodig én vóór elke slachting van een dier een slachtbewijs.
Let erop dat je minstens 2 dagen op voorhand langskomt. Het slachtbewijs is één week geldig.
Voor het slachten in een slachthuis (runderen, paarden ...) heb je enkel een registratienummer (en geen slachtbewijs) nodig. Die registratie moet maar eenmaal gebeuren. Breng je elektronische identiteitskaart mee, samen met het beslagnummer van de inrichting waar het dier vandaan komt (bij thuisslachting).
